Mijn Prive-domein
Mijn Privé-domein

Shortlist
Shortlist


Catalogus
Catalogus


Bijdragen aan website

Recensie

< Vorige pagina
Privé-domein nr. 249
Auteur(s): Anna Achmatova
Titel: De echte twintigste eeuw
Autobiografisch proza
Recensent: Michel Krielaars
Bron: NRC Handelsblad
Geplaatst door: Gerd-Jan Oud
Geplaatst op: 13-3-2007
Waardering: geen waardering bekend


De tiran was bang voor de dichter
NRC Handelsblad, 9 juni 2006

Anna Achmatova: De echte twintigste eeuw. Autobiografisch proza. Gekozen en vertaald door Alissa Leigh en Silvana Wedemann. De Arbeiderspers (Privé-Domein), 233 blz. EUR 24,95

?Niet arresteren, maar ook niet publiceren.' Met dat eenvoudige zinnetje besliste in 1924 de Communistische Partij van de Sovjet-Unie over het lot van Anna Achmatova. Voor de aristocratische dichteres was duidelijk geen plaats meer in de wereld van de proletarische literatoren, die een jaar later de oekaze van het socialistisch realisme zouden afkondigen.

Bijna vijftien jaar lang zou er geen gedicht van Achmatova in druk verschijnen. Het weerhield haar er echter niet van door te gaan met schrijven, want juist in die jaren werkte ze aan haar magistrale Requiem. In die gedichtencyclus verwoordt ze haar persoonlijk leed - de executie van haar man, de dichter Goemiljov, en de deportatie van haar zoon en haar tweede echtgenoot - op zo'n indringende wijze dat het een universeel karakter krijgt. Aldus werd ze de vertolkster van het leed van het hele Russische volk.

Vóór 1924 was Anna Achmatova (1889-1966) een van de beroemdste dichters van Rusland. Ze behoorde tot de acmeïsten, een groep die zich afzette tegen het vage symbolisme en helderheid in zijn poëzie nastreefde. De liefdes- en stemmingsgedichten van Achmatova zijn er het beste voorbeeld van. Ze imponeren door hun vormbeheersing, virtuositeit, kracht en eenvoud.

Uit haar verzamelde werken, die tussen 1998 en 2002 in zes delen in Rusland verschenen, komt Achmatova naar voren als iemand die in het noodlot gelooft en meent dat de betekenis van haar ervaringen alleen intuïtief en in haar dromen is te begrijpen. In De echte twintigste eeuw, de door Alissa Leigh en Silvana Wedemann voor de reeks Privé-Domein gemaakte - en door de uitgever irritant slordig geredigeerde - bloemlezing uit die verzamelde werken, komt dat beeld overtuigend naar voren. Van iedere bladzijde spat het moedige karakter van een vrouw die haar waardigheid heeft weten te bewaren in een vernederende wereld.

In het eerste deel van deze bloemlezing, ?Pro doma sua. Autobiografische notities' (1963), haalt Achmatova onder meer herinneringen op aan haar jeugd in Sint Petersburg en het tsarendorp Tsarskoje Selo, waar ze op school zat. Toen was alles nog goed en mooi. Het is een wereld van datsja's, draaiorgels, koetsjes, de bevroren Neva. Ze beschrijft het zo sprankelend dat je de geuren van toen bijna kunt ruiken. Het is poëzie opgediend als proza.

?Pro doma sua' is een fragmentarisch geschrift, dat in de tijd heen en weer schiet. Het verscherpt daardoor de tegenstelling tussen het Rusland van vóór en na 1914, toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak en het Europese Sint Petersburg zijn venster op het Westen vergrendelde. Achmatova's vaderland dompelde zich onder in een Oosterse wreedheid. De ?echte twintigste eeuw' begint voor haar dan ook na 1913, het is de eeuw waarin haar persoonlijke tragedie zich zal ontvouwen.

De Stalin-terreur vormt een constante in deze bloemlezing, die tal van boeiende informatie geeft over het dagelijks leven in die tijd. Zo schrijft Achmatova: ?Ten tijde van de terreur, als er iemand op sterven lag, werd hij thuis gezien als iemand die mazzel had, en van mannen die vóór hun moeder waren gestorven zeiden weduwes en kinderen: ?Godzijdank dat hij er niet meer is.'' ' Het is een gruwelijke acceptatie van het lot, een ?gelaten wachten op de ondergang', zoals ze het noemt.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog mocht Achmatova voor het eerst weer nieuwe - patriottistisch getinte - gedichten publiceren. Ze bleek nog altijd geliefd bij het grote publiek. Maar de oorlog was nog niet afgelopen of Achmatova werd opnieuw de kast ingejaagd. Opnieuw kreeg ze een publicatieverbod.

Vanaf die tijd begint ze aan haar andere meesterwerk Epos zonder held, waaraan ze twintig jaar zou schrijven. Het Epos is een lang gedicht waarin ze terugkijkt op haar eeuw. De Britse filosoof Isaiah Berlin, die haar in 1945 opzocht, noemde het werk, waarin hijzelf voorkomt als de ?Gast uit de Toekomst', een ?Requiem voor heel Europa'. Het gedicht stond tot in de jaren tachtig op de lijst van door de communisten verboden literatuur.

Het tweede deel van De echte twintigste eeuw bestaat onder meer uit ontroerende herinneringen aan Modigliani en haar mede-dichter Osip Mandelstam, die in 1938 in een kamp zou omkomen omdat hij een kritisch gedicht over Stalin had geschreven. Zo teder als haar herinneringen aan Mandelstams vrouw Nadezjda zijn, zo huiveringwekkend zijn die aan Mandelstams arrestatie in 1934: ?Het arrestatiebevel was door Jagoda (het hoofd van de geheime politie) zelf ondertekend. De huiszoeking heeft de hele nacht geduurd. Ze zochten gedichten, vertrapten manuscripten die ze uit de kist smeten. Wij zaten met ons allen in een kamer. Het was heel stil. Achter de muur, bij Kirsanov, speelde een Hawaiiaanse gitaar. De agent vond ?Wolf' in mijn bijzijn en liet het Osip Emiljevitsj zien. Hij knikte zwijgend. Bij het afscheid kuste hij mij. Om zeven uur 's ochtends is hij weggevoerd.'

In die paar zinnen zit de hele idiotie van de Stalin-terreur gevat. Een tiran die bang is voor een gedicht, bang voor de macht van een dichter. Alleen zo'n passage al maakt dit boek tot iets heel bijzonders.


Mijn gegevens


Gustave Flaubert,
Haat is een deugd
gekozen tot GOUDEN PRIVÉDOMEIN



Kies het mooiste voorplat