Mijn Prive-domein
Mijn Privé-domein

Shortlist
Shortlist


Catalogus
Catalogus


Bijdragen aan website

Recensie

< Vorige pagina
Privé-domein nr. 223
Auteur(s): Jean Schalekamp
Titel: Dr. Freud heeft hier gewoond
Een Parijse kroniek uit de jaren vijftig
Recensent: Arjan Peters
Bron: De Volkskrant
Geplaatst door: Gerd-Jan Oud
Geplaatst op: 15-3-2007
Waardering: geen waardering bekend


Van je o la la met Jean A.; PARIJSE VLEGELJAREN VAN EEN PRIJSBEWUSTE HOERENLOPER
de Volkskrant, Boeken, 19 juni 1998 (pagina 33)

HIJ NOEMT zich de schrijver van diverse romans, reisboeken en verhalenbundels. Dat moet hij zelf zeggen, want in geen literair handboek is zijn naam te vinden. Slechts de geduldige firma De Slegte weet nog dat Jean A. Schalekamp (1926) zich waarachtig als auteur heeft gemanifesteerd.
Voorts maakt hij er melding van dat hij in de eerste jaren vijftig als correspondent te Parijs artikelen, recensies en interviews leverde voor de Haagse Post. In de gedetailleerde geschiedenis van het roemruchte periodiek, zoals opgetekend door John Jansen van Galen en Hendrik Spiering in Rare jaren (1993), is het echter ook al vergeefs zoeken naar Jean, die als Johan werd geboren, maar die voornaam niet zwierig genoeg achtte.
Sinds 1960 leeft en werkt hij op Mallorca, vanwaar hij vooral een aanzienlijk aantal vertalingen uit het Engels, Frans en Spaans naar Nederland stuurde. In die hoedanigheid is hij niet helemaal onbekend, al is hem nooit een behoorlijke prijs ten deel gevallen.
In dit licht mag het een verrassing heten dat Jean Schalekamp zijn memoires kan publiceren in de Privé-domeinreeks. Daarmee zet de uitgever de trend door dat de reeks nodig af moet van het imago voornamelijk gedistingeerde en vertaalde egodocumenten te herbergen. Die geven een fonds cachet, maar van kwaliteit alléén kan de schoorsteen niet meer roken. Als de mensen autobiografische pulp willen, dan kunnen ze die krijgen. Dus wanneer Jean Schalekamp aanklopt met een manuscript over de vijf jaar dat hij als jongeling in Parijs hoofdzakelijk zijn lul achterna liep, hoeft zijn tekst niet op literaire of literairhistorische waarde te worden geschat. Op de markt ermee! Flans een flaptekst in elkaar waarin smeuïge woorden vallen als 'Saint-Germain-des-Prés', 'existentialisme', 'hoeren' en 'onstuimig leven', en Privé-domein heeft er nieuw document humain bij.
Eenieder moet erkennen dat het dát is geworden, zij het om een andere reden dan de schrijver heeft gemeend. Het vorig jaar reisde Schalekamp, inmiddels de zeventig gepasseerd, terug naar de stad waar hij van 1949 tot 1954 zijn vlegeljaren doorbracht. Rare jaren waren dat. Hij had weinig geld, woonde in een intiem hotelletje, en stortte zich zorgeloos in het uitgaansleven. Nu hij er weerkeert met zijn echtgenote, ziet hij jonge zakenlui, McDonald's-filialen en andere tekenen van een zielloze tijd. Anderzijds zijn er nog steeds oude straatjes en doorkijkjes gespaard gebleven voor de klauwhamers van deze onzalige era.
Dat moet genoeg zijn, dacht Schalekamp. Dat hij een kleurloze stijl heeft, de gemeenplaats bepaald niet uit de weg gaat en aan introspectie een broertje dood heeft, dat zal de lezer hem wel vergeven. Die smelt vermoedelijk toch al bij het zien van de nostalgische foto op het omslag - overigens genomen toen Schalekamp al weer uit Parijs was vertrokken - van een vrijend paartje in het Jardin du Luxembourg. Die lezer van nu gaat moeiteloos mee met het schavuitenverhaal. Van je o la la met Jean A. De roerige tamp van Schalekamp, daar wil iedereen wel het fijne van weten, aangezien de drager rondstruinde door het Parijs uit de tijd dat een bohémien die naam nog verdiende.
Die paal van Schaal, die weet wat. Hoewel uitgerust met een blotebillengezicht, slaagde Jean er met regelmaat in de een of andere willige meid mee naar zijn kamertje te lokken. Voorts ontwikkelde hij zich tot prijsbewuste hoerenloper.
Alles bijeen een nogal beschamende exercitie, deze terugblik op vroeger, met name omdat de man die ons laat meekijken schrikwekkend weinig wijzer is geworden. Wel grijs, maar geen eminentie. Aan bezinning of goed schrijven - de twee pijlers waar Privé-domein voorheen op rustte, met flonkerende resultaten - doet hij niet.
Onbedoeld redt dat aspect deze memoires van volkomen waardeloosheid. Je krijgt namelijk de geschiedenis van een Hollander die van jongs af aan heeft geprobeerd te ontsnappen aan zijn lot, onbeduidend te zijn. 'De historie van een willoze' had de ondertitel van Dr. Freud heeft hier gewoond kunnen zijn, maar alweer: dan had Schalekamp over zelfkennis moeten beschikken. Zonder het te beseffen, heeft hij met zijn openhartige boek tegelijk een schaduwboek geschreven. Dat gaat over weekheid als fundament van een persoonlijkheid, en over vluchten als enige remedie voor de soms dreigende verantwoordelijkheid.
En dát in de jaren dat het existentialisme opbloeide! 't Is eenvoudig een mirakel dat Schalekamp er ook als bejaarde geen oog voor heeft. Het materiaal ligt onder zijn neus. In 1949 ontvluchtte hij het benauwende Nederland van de gebreide onderbroeken en borstrokken. 'Niet iedereen te zijn, dat was een van de doelen die ik me gesteld had.' Zijn start, als predikantenzoon, was wat dat betreft al lastig. Zoals bekend, zou de Nederlandse cultuur aanzienlijk minder voorstellen zonder de bijdragen en invloed van talrijke predikantenzonen.
Vervolgens kwam Jean in Parijs terecht, met vage dromen over het schrijverschap, en verkende hij menige taveerne en rok. Zag hij een dij met jarretel, nou dan wist hij 't wel. Ook die sterke verhalen kennen we, maar dan bij monde van de Vijftigers, Schalekamps generatiegenoten, die tussen de festijnen door af en toe werk van blijvende waarde schiepen.
In plaats daarvan zat Schalekamp in de trein tegenover Paul Léautaud (lees diens dagboeken, waarvan twee selecties ooit verschenen in Privé-domein!) en durfde zijn mond niet open te doen; hij zag Sartre zitten pennen bij café Le Flore en Les Deux Magots, maar het ontbrak hem aan de moed zelfs maar langdurig in zijn richting te blikken; hij interviewde Raymond Queneau, maar verzuimt ook maar één opmerking over de inhoud of loop van de conversatie te maken. Wel heeft hij het over jazzkelders vol rook en vrouwen, de ijzeren stoeltjes in het Jardin du Luxembourg, en die keer dat hij als figurant voor kelner moest spelen in een bioscoopreclamefilmpje. Helaas: wij hebben sinds een jaar Figuranten van Arnon Grunberg, en kijken bij Schalekamps poging tot anekdotiek beschaamd opzij.
Tussendoor fietst hij terug naar Nederland en hangt op het Leidseplein de Fransman uit. Hij is interessant om wie hij niet is. Zo verwerft hij de zoengrage Linda, en trouwt met haar - waarom weet hij eigenlijk niet meer zo goed. Al snel verveelt Linda zich en gaat de hort op, zodat hij zijn gerief maar weer bij de hoeren zoekt. Binnen een jaar is het huwelijk ontbonden. Hij terug naar Parijs.
Nog altijd is hij niet 'niet iedereen'. Een passant in het leven. Zo'n figuur die op legendarische groepsfoto's prijkt, maar waarvan niemand later de naam nog weet. Even smaakt hij het genoegen van echte verliefdheid, op het Nederlandse meisje Wanda, dat hem ook interessant vindt. Dat wil zeggen: totdat ze ontdekt dat achter zijn artistiekerigheid geen uniek mens schuilt. Dan is ook de dag niet ver meer dat ze hem voor een ander verlaat.
Nou, en dat is het. Je wrijft je de ogen uit als Jean een eind aan zijn verhaal breit. Hij pakt zijn koffers en verlaat Parijs. Natuurlijk, wat moet een man zonder eigenschappen anders? Het zou eigenaardig zijn, als hij na zeventig jaar onverhoeds een idee had gekregen.
Wat heeft de zoektocht opgeleverd? Dat hem ineens een adres te binnen schiet, 9 rue Victor Cousin. Daar moet hij destijds geweest zijn. Hij ziet zich er weer staan, in een vreemde rommelige kamer. Wat deed hij daar? Geen notie. Wat is het geheugen toch idioot, dat het je zonder reden met een adres opzadelt. 'Sommige vragen zullen wel voor altijd onbeantwoord blijven', besluit Schalekamp zijn mijmering.
Maar één vraag, die hij zich zelf nergens stelt, beantwoordt hij met dit gebundelde geleuter afdoende: hoe iemand erin kan slagen niemand te zijn. Hij deed er goed aan heel lang te wachten met het oprakelen en aanbieden van zijn herinneringen. Een nadenkend uitgever had voor dit prul nimmer de poorten van zijn pronkkamer ontsloten.
Arjan Peters
Jean Schalekamp: Dr. Freud heeft hier gewoond.
De Arbeiderspers; 253 pagina's; € 39,90.
ISBN 90 295 3724 8.
Copyright: Peters, Arjan

Mijn gegevens


Gustave Flaubert,
Haat is een deugd
gekozen tot GOUDEN PRIVÉDOMEIN



Kies het mooiste voorplat